Comeback

Zo genoeg in de schuilkelder gezeten! Gedaan met het eten van vervallen visconserven en het drinken van blikjes cola die de geallieerden nog meebrachten. Met het scannen van de ether op gecodeerde boodschappen uit de ruimte. Tijd voor de comeback van Barend den Belg! Als Hennie Vrienten en zijn wat verfrommelde Doe Maar dat kunnen, wat houdt mij dan tegen! Ik maak de borst nat en treedt het zonlicht op het wereldwijde net tegemoet! Ok, dat is wat bombastisch, lichtelijk overdreven, maar alles is goed om het schaamrood dat een writersblock meebrengt, te verdoezelen. Raar fenomeen. Op een goeie dag sta je er mee op. Je brengt alles in gereedheid, glas en snack binnen handbereik, muziekje op en dan… komt er niks. Zelfs al had je tijdens die ochtendwandeling nog de beste ideeën. Plots is de muze de hort op, naar elders, naar een andere schrijver die dan prijswinnende dikke turven voor haar schrijft. Het is alsof je met een stevige hernia wakker wordt, of… met al je haar op je kussen zoals je wel es hoort van mensen in shock. Alleen zag bij mij er alles vrij normaal uit. Een klein stukje? Een paar regels? Nope, niks, nada. Even in de tuin wat afleiding zoeken. Na het omploegen van een hectare met een theelepel, kwam er nog niks. Ik begon de laptop te haten. Dan maar schrijversvoodoo: drie dagen en nachten een stompje potlood achter je oor steken, bij kaarslicht in je vishut de muze oproepen, een boek (van een ander) verbranden in de barbecue als offer… De twee vingers waarmee ik tik, bleven dienstweigeren en de drie hersencellen die ze aandrijven leken dood. Kreun… Daar sta je dan in de hondenschool, waar ze je aanspreken op je leuke stukjes op de site! Komen er nog? Euh, ja-haa… vast wel. Pijnlijk, vooral als die domme hond van je na drie lessen nog steeds geen zit van zetel kan onderscheiden. Barend den Belg bleef monddood. Er zat niet veel op dan hem plechtig te begraven. Erg, zo jong en knap en ooit vol avontuur! Helaas kreeg ik zelfs het rouwbericht voor in de krant niet geschreven. Ik kon hem alleen maar in intieme kring bewenen. En toen! Midden in de nacht riep die laptop weer, gehoorzaamden mijn vingers aan de lokroep van het schrijverschap! “Als Doe Maar het stof van de kleren klopt en er straks weer staat, moet jij dat ook kunnen Belg de Barend!” De stem van mijn geweten verslikt zich wel vaker in wat woorden. Ja, als die Vrienten na ‘Doe Maar, de musical’ nog durft buiten komen. Ik ga naar beneden, klap dat onding open, schenk me een slaapmuts in en zet de radio aan: Doe Maar met De Bom! Een teken. We zijn er weer. Klaar voor Barend den Belg, de musical!